Van wie is de stoep?

Hoe hoger de vastgoedprijzen, hoe meer worden onze stoepen waard.

De stoep als loopweg, opslagplaats, ontmoetingsplek of gratis lokatie voor commercie? ©️

In veel van de Europese steden wordt slag geleverd om de zone tussen de voordeur en de rijweg: de stoep. Scooters, (leen-)fietsen, reclame-objecten, terrasjes, laadpalen voor e-auto’s, stoeptegelgroen, tijdelijk afleverplaats voor goederen, gestalde buggies en mogelijk in de toekomst vrij baan voor bezorgrobots.
Hoe moet het verder met onze trottoirs? Van wie zijn zij eigenlijk? En hoe combineer je levendigheid op straat, met de verkeersfunctie van de stoep? De Berlijnse ervaringen.

De stoep is gratis
Het trottoir is universeel. Elke ontwikkelde stad heeft rondom gebouwen een zone voor verplaatsing van voetgangers. Een veilige zone, waar voor auto’s en andere gemotoriseerd verkeer geen plaats is. Soms zijn deze zones niet meer dan marginale stoepjes, waar de voeten dicht bij elkaar moeten blijven om er niet vanaf te stappen. Soms, zoals in Berlijn kunnen trottoirs zo breed zijn dat met gemak 4 auto’s naast elkaar kunnen staan.
Het trottoir is gratis, maar niet zonder waarde. Inmiddels heeft de stoep een meervoudig gebruik gekregen, gebruiken die elkaar niet allemaal goed verdragen.
Zoveel is wel duidelijk: de beleving van een wijk ontstaat toch vooral op het trottoir. Daar maakt een bezoeker zijn inschatting, deze straat inlopen, of niet. Zou ik hier willen wonen, of niet. Oogt het hier veilig of niet?
Geen stad die niet wil bruisen. Langs musea en winkels schuivende toeristen zijn voor veel bestuurders het bewijs dat hun stad ‘leeft’. De straat, en dan vooral de stoep, is een goede tweede indicatie hoe het met een buurt gesteld is.

Met de stijgende huren volstaan winkeliers met een kleinere winkelruimte en verplaatsen een deel van de handel naar de stoep. De hier in Kreuzberg aangebrachte natuurstenen loopstook, wordt in de praktijk als het ‘echte’ voetpad gezien en vrijgelaten. ©️

Stijgende vastgoedprijzen maakt trottoirs waardevoller
Sluiperwijs vercommercialiseert de openbare ruimte. Gemeenten, voorzover ze de grond al niet verkocht hebben, zien mogelijkheden voor extra inkomsten. Het aloude precariorecht, een belasting die gemeenten innen voor het gebruik van de openbare ruimte, is een gereguleerde vorm van gebruik van openbare ruimte en vaak trottoirs. Sluipenderwijs ontstaat door de stijgende vastgoedprijzen een ander fenomeen: om als horeca nog exploitabel te kunnen zijn wordt de binnenruimte kleiner, en wordt de verkoop naar buiten verplaatst. De bedragen die bijvoorbeeld horeca-ondernemers in Berlijn moeten betalen voor de extra meters op de stoep, zijn de laagste van heel Duitsland. Het lage tarief van deze ‘Sondernützungsgebüren’ bedraagt €12,50 per m2, per jaar wel te verstaan. In Hamburg is dat het achtvoudige.
Reclameborden, lichtprojecties, vlaggen, verleidstrepen (richting ingang van de winkel), het draagt allemaal bij aan een verbeterde businesscase voor de ondernemers. Veel horeca kan inmiddels niet overleven zonder het gebruik van de buitenruimte. Verplaatsing van horeca van binnen naar buiten schept ook nieuwe problemen, die van hinder en geluidsoverlast.
Ook de hose aan zogenaamde deelfietsen hebben menig straathoek al in fietsenstallingen veranderd. In veel gevallen zijn het stapels fietsen waar het voor ouderen en kinderwagens geen doorkomen meer aan is.
De smalle winstmarges van deze ‘deelfietsen’ zit hem in het ontbreken van kosten van stallingsruimte, die bij deze vastgoedprijzen het businessmodel direct negatief beïnvloeden. Wellicht zelfs onmogelijk maken.

De stoep als verleider. De strepen voeren naar de ingang van het winkelcentrum BIKINI in Berlijn. ©️

De loopbare stad
Veel steden zien de verrommeling van dit stuk publieke domein met lede ogen aan. Toch ziet men ook de voordelen. De stad wordt zichtbaar levendiger, de sociale interactie op straat groeit, en daarmee de (beleving van) sociale veiligheid.
De leenfietsen lijken een deel van het autoverkeer te kunnen vervangen, zo is de veronderstelling. Veel steden zijn vooralsnog redelijk tolerant tegenover dit commerciële gebruik van publieke ruimte. Amsterdam kondigde onlangs een lichte vorm van regulering aan. Of het publiek van de leenfiets, vaak toerist, ooit de fiets als vervanging van de auto gebruikt is niet bekend. Veel toeristen hebben hoe dan ook geen auto bij zich.
In Berlijn is het fietsen over de trottoirs een apart thema. Eigenlijk mag het niet, maar de vaak van kinderhoofdjes voorziene rijwegen maken fietsen op de rijweg geen pretje. Ook de fiets wordt er niet beter van. Rijden over de stoep wordt in zulke straten dan ook vaak gedoogd, zowel door andere gebruikers van het trottoir als door de politie. Dat de trottoirs vaak zeer breed zijn, maakt de overlast voor de voetgangers beperkt. Maar ook hier geldt, gedrag bepaalt alles. Bellen en hard rijden wordt niet op prijs gesteld, voetgangers blijven koning op de stoepen. En met langs terrassen racen, waar het trottoir aanzienlijk smaller is, maak je ook geen vrienden.
De loopbare stad, waarbij het te voet verplaatsen niet alleen ‘transport’ is, maar ook een belevenis, draagt ontegenzeggelijk bij aan een prettige stad, waar het openbare leven overal waarneembaar is. Toch kan een stapeling van ruimtenemende activiteiten op bepaalde punten, wel degelijk tot conflicten leiden tussen de verschillende gebruikers.

Niet overal zijn in Berlijn natuurstenen loopstroken in het trottoir aangebracht. Dan lijkt alles mogelijk. ©️

Commercialisering
De meer principiële vraag is in welke mate commercieel gebruik van de openbare ruimte, en in het bijzonder voor de stoepen, moet worden toegestaan. Voor sommigen is de tolerantie al tot dogma geworden. Misbruik ligt op de loer. De stoepen zijn tot commerciële buitenruimten geworden. Niet alleen de lokale groenteboer maakt er gebruik van door zijn waren voor zijn winkel uit te stallen, maar ook steeds grotere ondernemingen nemen, meestal kosteloos, gebruik van deze publieke ruimte. De in Berlijn inmiddels naar schatting 30.000 leenfietsen zijn een voorbeeld van grootschalige gebruik van deze publieke ruimte.
De trend naar meer online bestellen betekent ook dat de goederen aan de deur moeten worden afgeleverd. Nu nog met (over de stoep) racende koeriers, maar de Amerikaanse ‘Yelp Eat24’ brengt inmiddels in Californië de warme happen rond met robotwagens (video) en die rijden ook over de stoep. Loopt er iemand voor ‘zijn voeten’, klinkt een bescheiden ‘excuse me’.
Ook de veiligheidsindustrie heeft de robot ontdekt. Zo rijden er al observatierobots door San Francisco. De firma ‘Knightscope’ heeft deze ontwikkeld om bedrijventerrein, schoolpleinen maar ook al de openbare plekken beter te kunnen observeren (demo-video). De robot maakt het leven van daklozen en zwervers zuur, doordat zij dag en nacht bezoek van deze rollende observator kunnen krijgen. Inmiddels heeft het gemeentebestuur van San Francisco beperkingen aan het gebruik op de openbare weg opgelegd en de robots mogen nu alleen onder begeleiding van een mens nog de straat op.
Bedrijven zullen aanpassingen eisen aan de trottoirs zodat hun robots ongehinderd hun werk kunnen doen.

Amsterdam: Budgettoerisme zet grote druk op de leefbaarheid van de steden en drijft de huizenprijzen op. ©️

Ouderen, gehandicapten en kinderen
Het lijkt erop dat mensen de laatste jaren meer uithuizig zijn. De krappere behuizing (door de hoge huurprijzen), de vele alleenlevenden (in veel steden al 50% van alle huishoudens), de prijsdrukkende concurrentie in de horeca, maken dat de openbare ruimte en vooral de trottoirs steeds begeerlijker worden, voor burgers en bedrijven.
De trek naar de grotere steden betekent een verdichting van wonen en leven. De straten worden drukker. De claim op de openbare ruimte daarmee groter.
In het geweld van die claims zijn drie groepen die de stoepen als primaire verkeersmiddel moeten gebruiken. De zich met rollator voortbewegende oudere, de in een rolstoel zittende gehandicapte, en het spelende kind. Zij zijn het die op een veilig en begaanbaar trottoir moeten kunnen rekenen. Met de toenemende vergrijzing, de eis van langere zelfstandigheid in wonen en leven, zal iemand hiervoor de ruimte moeten opeisen. De ruimte om je veilig te verplaatsen over het trottoir, de ruimte om er gewoon te zijn, een praatje te maken, zonder dat een pizzakoerier, of later een bezorgrobot, je van van de stoep afdrukt. Ruimte ook voor kinderen om veilig voor het verkeer te kunnen spelen.

Een door bewoners op de openbare weg aangelegde jeux-de-boules-baan in Kreuzberg. Het autoverkeer is nu definitief omgeleid. ©️

De stedelijke infra moet overhoop
De stoep is inzet van strijd om de schaarse stedelijke ruimte, ruimte voor de mensen en ruimte voor nieuwe vormen van (geautomatiseerde vormen van) dienstverlening.
Het kan niet allemaal op het trottoir worden afgewenteld. Daarvoor zijn in de meeste steden de trottoirs niet geschikt en te druk. Alleen als de auto plaatsmaakt, is er ruimte voor andere vormen van duurzamere en innovatieve vormen van transport. Dan wordt de rijweg het domein van fietsers, koeriers, leverrobots en ontmoetingsruimten in het groen, dan wel met een terrasje.
Linksom of rechtsom zal de grootste ruimteclaimer, de auto, steeds vaker het veld moeten ruimen om onze steden te kunnen laten innoveren, duurzamer en leefbaarder te maken.
Tijd dat overheden zich het hoofd gaan breken over een geheel nieuwe visie op gebruik van de schaarse verkeersruimten, waaronder de stoep, in onze steden. Want een ding is wel duidelijk, de ontwikkelingen op zijn beloop laten gaat tot steeds meer conflicten leiden. Tijd voor een nieuwe kijk op de stad.