Naar een Deltaplan Energie

Over hoe de huidige aanpak kan stranden in teleurstelling en verzet

Klimaat redden met behoud van onze huidige consumptieve levensstijl is onmogelijk.©️

Verduurzamen. Klimaat. Zeespiegelstijging. Energietransitie. Van het gas los. We kunnen de termen wel dromen. Geen dag, misschien geen uur, gaat voorbij of het gaat erover.

De ingezette energietransitie loopt nu enige jaren. Maar waar leidt het toe? 

Een aantal kritische observaties.

Het zal iedereen duidelijk zijn dat na 150 jaar onafgebroken industriële op massaconsumptie gebaseerde economie er ergens gevolgen merkbaar moeten zijn. De indicaties dat het klimaat de laatste tijd sneller verandert dan in voorgaande tijdperken stapelen zich op. Maar ook zonder debat over hoe de complexe relatie is tussen menselijke activiteit en klimaatverandering, zal iedereen met enige nuchterheid wel moeten vaststellen dat het niet goed gaat met moeder aarde. De massale boskap, roofbouw op natuurlijke hulpbronnen, vervuiling van bodem en zeeën, vele duizenden vliegtuigen de klok rond tegelijk in de lucht, lozing van giftige stoffen, door chemie gedreven industriële landbouw, ons intense energiegebruik, ons consumptie- en wegwerpcultuur, het kán niet goed zijn. En dat is het ook niet.

We storten van het ene milieuprobleem in het andere. En dat terwijl we in 1973 al door de Club van Rome in niet te verstane termen werden gewaarschuwd dat wij ‘zo’ niet door konden gaan. Bijna 50 jaar later is er veel gesleuteld aan verbetering van lucht en water en zeker forse vooruitgang geboekt.

Wereldbevolking groeit explosief

Echter met de explosieve groei van de wereldbevolking van 2,5 miljard in 1950 naar 7,6 miljard in 2017 is wel duidelijk dat deze verdrievoudiging veel van de toen genomen milieumaatregelen teniet heeft gedaan. Alleen al China en India zagen hun bevolking tussen 1955 en 2015 respectievelijk verdubbelen en verdrievoudigen tot beide boven de 1,3 miljard per land.

In beide landen is de welvaart, lees ook vooral de consumptie, sterk toegenomen. Het moderne China rijdt massaal auto, vliegt erop los en heeft bijvoorbeeld nog 267 vliegvelden in de planning staan.

Het zijn cijfers die voeding geven aan sceptici die stellen dat alle goede voornemens in Nederland ten spijt, ons land met een aandeel van de Nederlandse bevolking in de wereld van 0,002% met al die goede plannen mondiaal niet veel zoden aan de dijk zal zetten en het klimaat niet van haar huidige koers zal afbrengen.

Gering mondiaal effect

Hoe waar voorgaande ook mag zijn, dat is natuurlijk geen reden om dan maar niets te doen. Want veel maatregelen genomen in Nederland zullen weliswaar geen enkel effect hebben op wereldschaal, op onze eigen omgeving zullen zij wel degelijk invloed hebben. Zo zullen elektrisch aangedreven auto’s het milieu in onze drukke binnensteden zeker verbeteren. Maar omdat ze voornamelijk tanken met grijze stroom toch weinig bijdragen aan een ommekeer van de klimaatverandering. Nog te zwijgen over de met giftige stoffen gemaakte accu’s die ook geen eeuwig leven hebben.

Energie-oorlog

De ingezette energietransitie zal ook weinig bijdragen aan het wereldklimaat. Toch geldt ook hier dat het verstandig is om onze energie zo duurzaam mogelijk op te wekken. Het geeft in onze directe omgeving een gezonder klimaat (maar dan anders bedoeld als nu vaak wordt gebruikt) en maakt ons minder afhankelijk van door (onze) oorlogen veiliggestelde energiebronnen. Onze nu zo in opspraak geraakte Nederlandse bommen, zijn ook onderdeel van de al decennia gevoerde energie-oorlogen. Onze consumptie komt met een prijs, die wij, zo machtig zijn wij nog, anderen met hun leven laten betalen.

Windmolens en zonnepanelen geven vooralsnog geen aanleiding tot oorlogen om grondstoffen, ook al voorspellen sommigen dat voor de productie van zonnepanelen en accu’s ook zeldzame stoffen nodig zijn die weer tot nieuwe conflictregio’s kunnen leiden.

Tranentrekkend

De huidige energietransitie in Nederland is in dit licht een zeer gewenste ontwikkeling. De manier waarop deze vorm wordt gegeven is echter tranentrekkend. Het transformeren van een economie draaiend op fossiele grondstoffen naar een werkend op duurzame energie, is een zaak van zeer lange adem en zeer ingrijpende maatregelen. 
De op dit moment ingezette maatregelen lijken vooral verduurzaming met behoud van onze op consumptie en groei gebaseerde economie. Zo wordt het rijden in een Tesla als duurzaam beschouwd, terwijl deze fraaie auto het dubbele gewicht (ruim 2.100 kg) heeft van een conventionele auto van gelijke klasse. Het kan niet anders dan dat het verplaatsen van het dubbele gewicht ook tot een verdubbeling van de benodigde energie leidt. Zij het uit het stopcontact en niet uit de pomp.

De inzet van windmolens en zonnepanelen lijken duurzame opties, maar schijn bedriegt. Zeker, zon en wind zijn duurzaam en gratis, maar de omzetting naar stroom uit ons stopcontact is weinig efficiënt, zeer ruimte-intensief en kostbaar bij de onvermijdelijke vervanging. Immers een windmolen op zee onderhouden, de zilte zee, kan niet met een onderhoudsautootje. De 40 km2 aan geplande windmolens van de Engelse energiebedrijven op de Noordzee zullen gigantische onderhoudsbudgetten met zich meebrengen. Nog los van het ‘vogelversnipperaar-effect’ waarbij zwermen vogels de extreem hoge molens niet zullen kunnen vermijden.

Van het gas los

Het credo ‘van het gas los’ is communicatief een ramp: vertellen wat niet moet, in plaats van vertellen wat wél moet. Niemand ook die het echt weet. Zo zijn er mensen die geloven dat stoken op hout duurzaam is en dat er zoiets bestaat als schone verbranding. Het recreatief stoken op een grijze wintermiddag is overgegaan in 7 dagen op hout stoken. Sommige straten in onze steden zijn inmiddels al no-go zones voor mensen met astmatische aandoeningen. Terug naar de tijd dat de kolenstank onze Europese steden tot ecologische rampgebieden maakten.

‘Bio’-centrales

Nu houtstook ook op grote schaal in zogenaamde ‘bio-centrales’ wordt toegepast wordt de waanzin past echt duidelijk. De uitstoot blijkt niet echt schoon, de dagelijkse aanvoer van tonnen hout door diesel aangedreven vrachtauto’s, het vervoer met extreem vervuilende schepen uit Noord- en Zuid-Amerika, de grootschalig (illegale) houtkap in de VS en voormalig Oost-Europa maken dit ‘bio’ alternatief tot een ecologische nachtmerrie. Ook in Nederland kapt Staatsbosbeheer op grote schaal bossen om gesubsidieerd in energie-ovens te laten verbranden. Uiteraard met als motivatie dat boskap leidt tot meer bio-diversiteit. Op verzoek van ‘Brussel’. 
Het hele concept van houtstook berust op brakke aannames, een valse Co2-boekhouding en astronomische subsidies.

Klimaatknutselen

Inmiddels wil elke gemeente op enig moment ‘klimaat-neutraal’ zijn en knutselt aan een eigen klimaatbeleid. Altijd wel ergens een veldje voor zonnepanelen en enkele windmolens. Protesterende buurtbewoners worden als klimaat-ontkenners in de hoek gezet.
Vergeten wordt dat geen enkele gemeente ervoor durft te kiezen om zich af te koppelen van het landelijke ondersteunende netwerk. Want wat als de wind uitblijft, de zon op vakantie is? Dan moeten we toch ‘gewoon’ van het landelijke net kunnen aftappen, zullen velen denken. Maar als de wind langdurig wegblijft en de zon is ondergedoken, zal dat gelijktijdig in grote delen van Nederland het geval zijn. Dus als er bij wind- en zonuitval landelijk bijgeleverd moet worden, moeten alle huidige conventionele centrales blijven bestaan, moeten zij stand-by blijven draaien, de hele infra in stand worden gehouden om die ene dag waarvan je weet dat die gaat komen, te overleven. Er ontstaan dus dubbele kosten: van het duurzame decentrale netwerk en apparatuur en van het landelijke backup-netwerk en centrales.

Verzet

We moeten door omdat ons milieu dit eist, de geopolitieke prijs die wij anderen voor onze energie-consumptie laten betalen moreel ondraaglijk is. Maar de grens van het bijplaatsen van zonnevelden en windmolenparken is in zicht. Het verzet neemt toe, soms tot extreme proporties. Bovendien is er onvoldoende ruimte om de voor deze vormen van energie benodigde windmolens en zonnepanelen te plaatsen. Het lokale gepriegel in dorpen en buurten voelt goed, maar het helpt ons op de lange termijn niet echt en voorkomt niet het behoud van het hele back-up systeem en de daarbij behorende kosten.

Deltaplan Energie

We hebben behoefte aan een Deltaplan Energie waarin de energietransitie planmatig en in overzichtelijke fasen wordt vormgeven. Een geleidelijke aanpassing van de energiemix is daarvan de kern: liever gas dan kolen, liever kernenergie dan gas, liever waterstof dan kernenergie. Het gaat om tijd winnen om alternatieve duurzame energiebronnen tot volle wasdom te laten komen. Nu worden buurten opgejaagd om als ‘participatie-project’ zo snel mogelijk hun gasleiding te kappen en op iets alternatiefs over te gaan. Maar blijft dat alternatief betaalbaar? Revoluties breken meestal uit over stijging van energieprijzen. Kosten wat het kost moet worden voorkomen dat de energielasten voor grote groepen onbeheersbaar worden. En de honderden miljarden die nu worden gecalculeerd voor de transitie zullen ergens en door iemand moeten worden opgebracht.

De hete aardappel

En dan de hete aardappel. Ja, we zullen minder moeten vliegen. Minder rommel bij Alibaba moeten bestellen. Onze kleding niet elk seizoen de deur uitdoen. Onze huizen zoveel mogelijk moeten isoleren. Ons consumptieve gedrag moeten bijstellen. Onze economie moeten omvormen. Banen zullen verloren gaan. Nieuwe moeten worden gecreëerd. Geen klusje voor ‘de markt’, maar een extreem complex proces dat een visie vereist, langetermijnplanning, consistent overheidsgedrag en een Deltaplan Energie en op bestuurlijk niveau een coördinerend minister van Energie.

De nu ingezette aanpak heeft alles in zich om vast te lopen in teleurstelling, onverwachte financiële tegenvallers, (gewelddadig) verzet, rechtszaken en een zwalkende overheid. Milieu en klimaat vergen urgentie, maar vooral een degelijke en planmatige aanpak van een van de meest complexe maatschappelijke, financiële en technische opgaven sinds de schoorstenen eind 18e/19e eeuw begonnen te roken.

Hoe Staatsbosbeheer onder drogredenen samen met de provincie Noord-Holland bossen in de Bergense duinen kapt.