Naar een Deltaplan Energie 3

Van het gas los

Het bos is meer dan brandstof. Foto: Nationaal Park De Hoge Veluwe.

Verduurzamen. Klimaat. Zeespiegelstijging. Energietransitie. Van het gas los. We kunnen de termen wel dromen. Geen dag, misschien geen uur, gaat voorbij of het gaat erover. De ingezette energietransitie loopt nu enige jaren. Er is twijfel over de voorspellingen, vooral over het tempo en mate waarin zij zich zullen voltrekken. Angst lijkt het debat aan te voeren. En regie op een overtuigende energietransitie ontbreekt. 
In een zevental artikelen een verkenning van de uitdagingen bij de energie-transitie.

Deel 3: Van het gas los

Lees ook
Deel 1: Meer regie voor succesvolle energietransitie nodig
Deel 2: De relatie tussen energie en geo-politiek

De communicatie van een boodschap

Het credo ‘van het gas los’ is communicatief onverstandig: het zegt wat je niet moet doen, in plaats van je te vertellen wat je wél moet doen. De reden is dat niemand echt weet waar het naar toe moet. De overheid weet ook niet welke kant het opgaat. Dus laat zij het zoeken naar een alternatief maar aan ‘de markt’ en de burger over. En inmiddels is wel duidelijk dat het alle kanten opgaat, en niet per sé de goede.

Zo zijn er mensen die geloven dat stoken op hout duurzaam is en dat er zoiets bestaat als schone verbranding. Het recreatief stoken op een grijze wintermiddag is nu overgegaan in 7 dagen op hout stoken. Sommige straten in onze steden zijn inmiddels al no-go zones voor mensen met astmatische aandoeningen. Terug naar de tijd dat de kolenstank onze Europese steden tot ecologische rampgebieden maakten. Sommigen spreken al van middeleeuws stoken in huizen van de 21e eeuw.
Steeds meer wordt duidelijk dat houtstook veel fijnstof in de lucht blaast en ook nog direct in de bebouwde omgeving. De stank van verbrand hout is voor steeds meer mensen aanleiding overdag en ’s nachts de ramen dicht te houden om te voorkomen dat ze met brandlucht in slaap moeten vallen. 
Ook de vaak illegale boskap in Afrika, de aanzienlijke boskap in de VS en het zuidoosten van Europa is een reden om houtstook niet als duurzaam te beschouwen. Inmiddels zijn diverse actiegroepen in de VS actief om de Europeanen te wijzen op verwoestende gevolgen van de boskap ten behoeve van Europese bio-centrales. We laten dan even het transport per schip uit de VS buiten beschouwing. De scheepvaart wordt als zeer vervuilend gezien.

Houtstook is op middeleeuwse wijze verwarmen van een huis van de 21e eeuw.

Bio-centrales hebben bomen nodig

Ook de zogenaamde ‘bio-centrales’ hebben hun onschuld verloren. Met een totale subsidiepot van € 2 miljard zijn er nu tientallen in werking. Via een administratieve redenering werd deze vorm van houtstook schoon gepraat. Immers een opgestookte boom zou worden vervangen door aanplant van een nieuwe die de CO-2 van de opgestookte boom weer zou moeten compenseren. Zo kon boekhoudkundig de CO2-emissie op nul worden gesteld. Men ‘vergat’ dat tussen kappen van een volwassen boom en het teruggroeien van een even grote versie, 20-40 jaar verstrijkt. En het gaat niet alleen om het inruilen van een gekapte boom tegen een nieuw geplante. In een bos van 40-50 jaar oud is een ware habitat voor talrijke dieren en insecten ontstaan. Die komt ook weer na tientallen jaren terug. Als het nieuwe bos geen productiebos wordt.
Ook dat een grote bio-centrale dagelijks met 10-20 volle diesel vrachtwagens moet worden bevoorraad, werd ook buiten de berekeningen gelaten.

Steeds meer inwoners van bosrijke gebieden in Nederland zoals de Veluwe en de duinen, melden opvallend veel boskap. En dat blijkt geen onjuiste waarneming. In amper 4 jaar tijd is tussen 2013 en 2017 in Nederland maar liefst 5.400 ha bos verdwenen. (bron: Monitor). Het merendeel is ten gevolge van uitbreiding van infrastructuur en woningbouw. Volgens Staatsbosbeheer wordt er ‘niet specifiek voor houtstook gekapt’. Daarvoor zou ‘restmateriaal’ worden gebruikt. Maar hoe geloofwaardig is dat als steeds meer en steeds grotere centrales hout nodig hebben. Onlangs verklaarde de provincie Gelderland naar aanleiding van protesten tegen een bio-centrale in Arnhem, dat alleen lokaal gekapt hout zou worden verstookt. Het kan dan niet anders dan dat hout voornamelijk uit de Veluwse bossen afkomstig moet zijn. [Zembla, video]

Er is in diverse steden een toenemend verzet tegen dit type van ‘duurzame’ energie-opwekking, zoals in Arnhem en Ede.
Ook in Amsterdam leidt het opstarten van een (grote) bio-centrale ten behoeve van de stadsverwarming tot controverses. Zo hebben twee bewoners waarvan het huis was aangesloten op stadsverwarming dit laten afsluiten. Zij kunnen, zo stellen zij, niet aan hun kinderen uitleggen dat zij eigenlijk indirect op hout stoken: ‘een middeleeuwse methode om een modern huis te verwarmen’.

Warmtepompen en zonnepanelen

De veelbesproken warmtepompen mogen op beperkte schaal zeker bijdragen aan een lager energieverbruik, veelvoudig gebruik en vooral in stedelijke gebieden leidt tot aanzienlijke problemen. Zo maken de meesten nogal veel laag frequent en zoemend geluid. Overlast dat al tot menigeen burenruzie heeft geleid. Ook zijn de eerste rechtszaken al gevoerd.
Technisch is het nodige aan te merken op een grootschalig verbruik van warmtepompen. De apparaten werken prima tot een bepaalde temperatuur onder nul graden. Dat verschilt per apparaat en is afhankelijk van de mate van isolatie van het huis. Wordt het nog kouder dan een bepaalde ondergrens, dan wordt er elektrisch bijverwarmd. Dat gaat dus bij de meeste huishoudens met warmtepompen vrijwel gelijktijdig. Meestal in de avond als de meeste mensen thuis zijn en het op z’n koudst is (zon is onder gegaan). Als dan ook nog eens de auto buiten staat op te laden met een verbruik van meerdere huishoudens, gaat het lokale elektriciteitsnet vrijwel zeker plat. Zolang warmtepompen hier en daar, en vooral bij vrijstaande huizen wordt toegepast, is er weinig aan de hand. Maar een hele wijk aansluiten op warmtepompen, lijkt vragen om moeilijkheden. 

Voor zonnepanelen geldt een andere uitdaging. Die moeten na ommekomst van de levensduur fysiek en chemisch uit elkaar worden gehaald. Een zonnepaneel gaat gemiddeld zo’n 25 jaar mee, zo is de inschatting. Momenteel zijn er naar schatting net zoveel zonnepanelen gelegd als inwoners van Nederland: ruim 16 miljoen.
Een aanzienlijk deel zal het komende decennium vervangen moeten worden. En het recyclen is nog niet zo eenvoudig. In Frankrijk kan een bedrijf al 90% van de panelen een ander leven geven: het glas, het metaal en zelfs het silicium kan elders weer worden gebruikt. Het kneepje zit in ‘elders’. De meeste materialen gaan naar andere productiesectoren. Weinig kan worden hergebruikt in de productie van nieuwe zonnepanelen. Met de snel stijgende vraag moet dus weer een nieuw beslag op grondstoffen worden gelegd. Daarmee zijn zonnepanelen nog verre van inherent duurzaam. 

De elektrische auto

Met het geproduceerde accu’s is het niet veel anders. Al kan een ruim deel van een oude accu’s worden hergebruikt. Maar liefst 95% van het toegepaste koper, nikkel en kobalt krijgt een nieuwe bestemming. Daarmee is de hele cyclus van productie, gebruik en verwerking nog lang niet duurzaam. Kobalt wordt voor 50% gewonnen in Congo. Daar werken zo’n 40.000 kinderen onder mensonterende omstandigheden in de kobaltmijnen. Bij de winning van kobalt treedt veel vervuiling op in het omliggende gebied. Het land wordt ook geteisterd door corruptie. 
Bij lithium is het vooralsnog niet veel anders. De werkomstandigheden in de mijnen van Chili, Bolivia, Argentinië, Australië en China zijn verre van ideaal. De winning met grote hoeveelheden water is ook weinig milieuvriendelijk.

De nieuw te bouwen mega-fabriek van Tesla even ten westen van Berlijn, gaat ten koste van 300 ha bos, dat voor de grote Tesla-doos zal moeten gekapt. Dat draagt niet bij aan de vermindering door opname van CO2. Ook is de fabriek gepland in een waterwingebied. De lokale waterbedrijven hebben al gewaarschuwd voor de gevolgen. De droogte van de afgelopen jaren deed het grondwaterpeil al zakken. Nu gaat Tesla bij de productie ook nog eens 372.000 liter per uur aan schoon drinkwater gebruiken. De drinkwaterbedrijven verwachten dan ook dat de levering van drinkwater aan de huishoudens in gevaar komt.

Het is duidelijk dat de energietransitie nog vele hindernissen kent en dat veel denkwerk en experiment nodig is om weloverwogen keuzes te maken.

Onder dit bericht kunt u een reactie achterlaten.


In deel 4: Wat kan ons elektriciteitsnet aan?

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*