Meer ruimte voor horeca bij bottom-up initiatieven.

Arnhem gaat de horecaregels voor tijdelijke initiatieven versoepelen.

De voormalige Roof Garden Arnhem op het dak van een parkeergarage.

Arnhem telt de laatste jaren een stijgend aantal nieuwe initiatieven op het terrein van cultuur, leegstand of stadslandbouw. Veelal hebben deze initiatieven een experimenteel karakter en hebben een beperkte looptijd. Daar staat tegenover dat de subsidies voor dergelijke bottom-up experimenten of initiatieven vrijwel zijn opgedroogd. Om toch jonge stad- en cultuurmakers de kans te geven nieuwe initiatieven uit te proberen, gaat Arnhem de regels voor aan het initiatief verbonden horeca versoepelen.

Manifest voor de horeca-ondernemer van morgen
Na het in 2011 gepubliceerde ‚Manifest van de Ruimte’, dat pleitte voor meer ruimte voor (jonge) stad- en cultuurmakers op plekken en in panden, heeft vorig jaar een aantal initiatiefnemers van ruimtelijke en culturele experimenten het ‚Manifest voor de horeca-ondernemer van morgen’ gelanceerd. In het manifest pleiten de aangesloten partijen, te weten Dynamic Food, New Dutch School, Roof Garden Arnhem, PopupKlup, PUURland, Stadstuin Kweekland, Stella by Starlight, Stichting Coehoorn Centraal en Buro Bois, voor meer tijdelijke ruimte in de toepassing van de bestaande horecaregels. Hiermee willen de opstellers van het manifest hun experimenten enige financiële basis geven.

Tijdelijk de drempel lager
Het principe dat nieuwe initiatieven die niet direct tot volle wasdom kunnen komen hulp krijgen van de overheid, is niet nieuw. De talrijke overheidsregelingen en -subsidies voor (startende) ondernemingen, experimentele technieken, ‚groene’, ecologische experimenten etc. zijn een vast onderdeel van onze markteconomie. Ook de grootste ondernemingen doen een beroep op dergelijke regelingen.
De veelal kleine, kapitaalarme en tijdelijke initiatieven van de vaak jonge initiatiefnemers echter, worden tot op heden op het gebied van horeca-regels geacht direct ‚volwassen’ te zijn en aan het volle pakket aan regels te kunnen voldoen. Door de combinatie van opgedroogde subsidies en weinig ruimte voor alternatieve inkomsten, zoals horeca, sneuvelen veel initiatieven nog voordat ze goed en wel zijn uitgeprobeerd. En dat is zonde. Dergelijke initiatieven verlevendigen plekken, panden en stadscentra. Het zet publiek aan er op uit te trekken om het nieuwe tijdelijke initiatief niet te missen. Het maakt onverwachte vaak ongeliefde plekken en panden, weer levendig.
De tijdelijkheid van initiatief is echter een harde eis in de nieuwe regeling. Na 6 maanden moet de initiatiefnemer beslissen: stoppen of doorgaan en onverkort aan alle vigerende regelgeving voldoen: ‘gelijke monniken, gelijke kappen’, heet dat in de regeling.

De regeling op hoofdlijnen

  • Het wordt mogelijk op plekken waar volgens bestemmingsplan geen horeca is toegestaan ‚tijdelijk’ dergelijke activiteiten te ontplooien;
  • Onder ‚tijdelijk’ wordt verstaan maximaal 6 maanden; er is geen verlenging mogelijk;
  • De tijdelijkheid van 6 maanden zal ook worden opgenomen in de Drank- en Horecawet en/of exploitatievergunning;
  • Deze vorm van tijdelijke horeca is niet toegestaan in het ‚horeca centrumgebied’, lees de Korenmarkt en omgeving;
  • De horeca-activiteiten moeten onderdeel zijn van het beoogde concept en een middel zijn om het initiatief mogelijk te maken en daaraan ook ondergeschikt zijn;
  • De horeca mag ook fysiek maar een beperkt deel van de ruimte van het initiatief beslaan;
  • Is er bij het initiatief sprake van een winkeltje dan mogen de opbrengsten uit de horeca niet meer dan 50% bedragen van de totale omzet;
  • Bij de eventueel benodigde planologische afwijking en horecavergunning zal een aanzienlijke reductie van de leges gelden;
  • Na 6 maanden geldt een onverlengbaar einde van het initiatief. Bij voortzetting zal de volle regelgeving worden toegepast en moeten alsnog de normale leges worden voldaan (onder aftrek van het eerder betaalde deel).

Wat onverminderd ook voor tijdelijke initiatieven blijft gelden:

  • Het initiatief moet voldoen aan alle bouwtechnische eisen van het bouwbesluit. Hetzelfde geldt voor eisen van brandveiligheid;
  • Het initiatief wordt getoetst aan het ‚Besluit Eisen Inrichtingen Drank- en Horecawet’. Het gaat daarbij om ruimtelijke afmetingen en aanwezigheid toiletten en ventilatie;
  • De antecedenten van de aanvragende initiatiefnemers zullen worden getoetst;
  • De Wet BIBOP is van toepassing, ook bij geringe investeringen, echter met een marginale toetsing en versnelde procedure.

Bottom-up initiatieven zijn ook ‚goede buren’

  • De initiatiefnemers hebben oog voor hun naaste omgeving; zij veroorzaken geen overmatige overlast voor het woon- en leefklimaat. Denk daarbij aan geluidsoverlast;
  • De initiatiefnemers hebben oog voor andere ondernemers in de buurt: er worden marktconforme prijzen gehanteerd;
  • De initiatiefnemers wordt verzocht (is niet te verplichten) hun initiatief in goed overleg en contact met de buurtbewoners en -ondernemers te realiseren. Onder dit voorbehoud is Horeca Nederland, afdeling Arnhem, akkoord gegaan.

Dit voorstel is uniek te noemen. Alleen Rotterdam kent een vergelijkbaar regiem. Arnhem kent al ruime regelgeving voor het organiseren van kleine evenementen, vrije openingstijden horeca en nu dus ook horeca bij tijdelijke bottom-up initiatieven. Kortom, er is voldoende ruimte voor initiatiefnemers om te experimenteren met nieuwe vormen van culturele of ruimtelijke projecten. Als de experimenten aanslaan kan het tijdelijke regiem worden vervangen door de normaal geldende regelgeving.
In Arnhem krijg je de ruimte, voor wie hem wil pakken.

De regeling gaat 1 januari 2016 in omdat de leges eens per jaar op 1 januari worden aangepast.