Tussen tijdelijk en permanent (2)

EEN BLOGSERIE OVER DE TIJDELIJKHEID VAN PERMANENTIE IN STADSONTWIKKELING.

De nu al jaren bestaande ‘tijdelijke’ kinderspeelplaats in Engelbecken, Berlijn-Kreuzberg.

We leven in een tussentijd, zo wordt gesteld. Maar waarom zouden we nu in een ‘tussentijd’ leven? Wat was ervóór en vooral, wat komt erna? Een blog over de tijdelijkheid van permanentie in stadsontwikkeling.

In de komende maanden publiceren wij elke zondag een blog over de volgende onderwerpen:

  • Berlijn als bakermat van permanente tijdelijkheid.
  • Waar liggen kansen of noodzaak voor tijdelijke ontwikkelingen?
  • Wie zijn die ruimte-pioniers?
  • Waar ligt de speelruimte voor ruimte-pioniers?
  • Wie zijn er bij tijdelijk gebruik betrokken?
  • Welke plekken zijn geliefd voor tijdelijk gebruik?
  • Hoe eigenen ruimte-pioniers zich ruimte toe?
  • Welke hindernissen moet een ruimte-pionier nemen?

In deze blog: Waar liggen kansen of noodzaak voor tijdelijke ontwikkelingen?

Lees ook de eerder gepubliceerde blogs.

Nieuwe arbeidsverhoudingen, voorpost van een andere stadsontwikkeling?
De westerse economieën zijn in een structureel veranderingsproces verwikkeld. Grootschalige productie is naar het buitenland vertrokken of waar het in het land zelf blijft, wordt het lokaler en kleinschaliger. De flexibele schil van veel grote organisaties lijken een steeds permanenter karakter te krijgen. Heel Nederland ZZP-er, zo lijkt het. Met amper 10% van de werkzame bevolking valt dat nogal mee, maar in landen als Turkije ligt dat op meer dan 80%. En niemand beweert dat de groei van het aantal zelfstandig opererenden ook in Nederland niet verder zal groeien.
Het beeld van de solistisch werkende zelfstandige professional wordt steeds meer vervangen door collectieven van samenwerkende ondernemers. Deze veranderingen in de beroepsuitoefening van honderdduizenden Nederlanders zal ook de wijze van gebruik van stedelijke ruimte veranderen: van kantoorruimte, horeca tot openbare ruimte.

Zelfstandigheid van werken leidt tot andere bezigheden
De trek naar de steden, door heel Europa merkbaar, is niet in de laatste plaats het gevolg van zelfstandig werkenden die op zoek moeten naar hun specifieke markt. Kon je met een vaste baan in de stad nog buiten de grote stad blijven wonen, nu is de noodzaak voor meer contact met die grote stad toegenomen. In veel gevallen er gaan wonen dus. Het maakt immers de kans op een ontmoeting met potentiële klanten, nieuwe samenwerkingspartners en leveranciers, groter dan in een dorp. De stad gaat voor het verkrijgen van opdrachten weer in toenemende mate als marktplaats functioneren.
Werkzoekenden, afgestudeerden en zelfstandig ondernemers zullen daardoor ook andere kwalificaties gaan ontwikkelen, die los staan van wat arbeidsorganisaties van oudsher in functiebeschrijvingen vastlegden. Vrijheid en zingeving winnen, desnoods ten koste van de hoogte van het inkomen, aan belang. De zelfstandig werkende gaat op zoek naar nieuwe verbanden. Immers het bedrijfsverband is weggevallen. Dit proces zal ook een nieuwe permanente groep langdurige werklozen veroorzaken, een groep die niet over de benodigde zelfdiscipline, ondernemerschap, sociale vaardigheden en mentale weerstand beschikt.
Arbeid als voltijdbaan zal verder teruglopen en de nieuwe arbeid zal een steeds wisselende combinatie zijn van in ‘eigen opdracht’ zinvol bezig zijn, nuttig werk doen voor de omgeving en in deeltijd buffelen in een minder verkozen job voor een minimaal bedrag aan inkomen.

Sociaal ondernemerschap, sociaal leiderschap
Veel zelfstandig werkenden willen het nuttige met het aangename combineren. Maatschappelijk nuttig en zinvol bezig zijn, gaat gepaard met het verwerven van inkomen. Inkomen dat geen 13e maand, kerstpakket, auto-van-de-zaak of vakantiegeld kent en derhalve vaak blijvend lager ligt dan het inkomen uit een vaste baan. Dat zal de prijzen van kantoorruimte en woonruimte nog verder doen dalen. Gemiddeld dan. De woonkosten in de grote steden zullen eerder stijgen doordat velen naar de steden trekken.
Nu is al zichtbaar dat er een trend is naar sociaal ondernemerschap. Minder inkomen, meer zingeving. Dat kan vele gedaanten aannemen. In de zorg, in de buurt, in de cultuur, in kleine ambachtelijke activiteiten of buurtgebonden diensten. Dit groter wordend leger aan lager betaalde zorgbiedenden en dienstverleners zal de ‘professionals’ van de reguliere bedrijven uit veel sectoren van de samenleving gaan verdringen. De stap van sociaal ondernemerschap naar sociaal leiderschap is niet al te groot meer. Buurten die onder leiding van vaak mondige en goed geschoolde zelfstandigen een eigen koers gaan varen zullen talrijker worden.
Al deze factoren zullen de inrichting van steden, feitelijk en qua proces, ingrijpend veranderen en (lokale) overheden maximaal op de proef stellen.

Meer tijd, meer ruimte, minder geld
Veel van de welvaart van de afgelopen decennia was niet arbeidsgerelateerd, om het scherper te stellen, veel geld is kunstmatig gecreëerd. Die bubbel aan geld is aan het leeglopen en er is nu alleen geld in ruil voor echte waarde: een concreet product of dienst. Bovendien is er veel geld, maar niet meer in de publieke sector. De zelfstandig werkende zal op zoek moeten naar dat particuliere geld. Gelukkig is er nu veel liggend geld, meer dan kan worden besteed aan de beschikbare ideeën voor nieuwe producten of diensten: geld zoekt nu ideeën.
Steden worden nu uitgedaagd zich aan te passen aan deze andere vormen van werken, sociaal ondernemerschap en lokaal leiderschap. Het zal een andere gebruik van het beschikbare vastgoed vergen, maar ook die van de openbare ruimte en de regels voor vestiging van nieuwe bedrijvigheid en horeca. De horeca zal (weer) een prominente rol krijgen als draaischijf van de ontmoeting om arbeid te verkrijgen. Steeds meer horeca worden informele werkplaatsen met veel stekkers en goede Wifi om alle functionerende laptops en digitale agenda’s te bedienen. Nieuwe investeringsmodellen, breder en meer op tijd en ruil gebaseerd, gaan de huidige monodisciplinaire rekenformules vervangen.
Braakliggende terreinen worden teruggevorderd voor de buurt, voor stadslandbouw, werkplek, ontmoetingenplek of speelplek voor de kinderen. Aan de overheden om stedelijk vastgoed en gemeentelijk grondbezit weer in roulatie te brengen voor actief gebruik door de buurten.