Prinzessengarten bouwt door in tijdelijkheid

'Een bouwwerk als provocatie, omdat we hier vooralsnog tijdelijk zitten.'

Berlijn heeft sinds 2009 een inmiddels beroemde plek voor urban farming: Prinzessinnengarten in Kreuzberg
Het bouwwerk dat door afwezigheid van dak en muren toch als zodanig zal worden gebruikt.

Berlijn heeft sinds 2009 een inmiddels beroemde plek voor urban farming: Prinzessinnengarten in Kreuzberg. Een burgerinitiatief van Robert Shaw & Marco Clausen, beide met zowel groene als sociale ambities. Ofschoon de toekomst onzeker is en het initiatief nog steeds een tijdelijke status heeft, liet men toch een ‘Nachtbarschaftsakademie’ bouwen, een buurtacademie. Eentje zonder dak en zonder muren.

Bouwwerk met principes
Luisterend op een bewolkte maar warme zaterdag in juni 2017 naar Marco Clausen, betekent luisteren naar een man met ambities en principes: duurzaamheid, speculatie met grond en huizen buiten de deur houden, geen commerciële uitnutting van ‘zijn’ Prinzessinnengarten.
Op deze dag wordt het impossante van hout opgetrokken bouwwerk, ‘Die Laube’ (‘het tuinhuis’) geopend. Maar liefst 10 meter hoog, met balken van 400 kg per stuk. Alles met de hand gebouwd, met mankracht de balken naar boven getakeld. Maar liefst 100 vrijwilligers, vooral studenten de Technische Universiteit van Berlijn, hebben sinds vorig jaar gewerkt aan de bouw.
Het ‘gebouw’ mist muren en een dak. Dit omdat, zo zei Clausen, er nog licht moet vallen op onze tuin. Maar het vermoeden is ook dat zonder dak en muren er geen sprake is van een gebouw, maar van een constructie. Dat zal zeker geholpen hebben bij het verstrekken van de bouwvergunning van het Bezirk Friedrichshain-Kreuzberg. Want een gebouw plaatsen op een tijdelijk gehuurd stuk grond, is niet goed denkbaar. Voor Clausen is de bouw ook een ‘provocatie’. ‘We weten dat we hier tijdelijk zitten.’ En toch willen ze laten voelen dat ze hier door willen en het terrein niet voor speculatie mag worden verkocht. Dat speculeren moet hier in en met Prinzessinnengarten worden gestopt.

Prinzessinnegarten in Berlijn
Marco Clausen, mede-initiatiefnemer van Prinzessinnengarten, opent Die Laube.

Die Laube is gemeenschapsgoed
Het zijn termen die in Nederland lang geleden zijn verstomd. Een bouwwerk, een plek als ‘gemeenschapsgoed’. De tekst op de website van het initiatief laat niets aan de fantasie over: ‘Die Laube* verstehen wir als ein Gemeingut. Wer Interesse an einer nicht-kommerziellen, gemeinwohlrorientierten Nutzung hat, kann sich melden.’ Van commerciële exploitatie kan volgens Clausen tijdens zijn openingstoespraak geen enkele sprake zijn. Dit is van en voor de gemeenschap.
In dit ‘huis’ komen activiteiten van de ‘Nachbarschaftsakademie’, zeg maar de buurtacademie. Het gaat om ‘zelfgeorganiseerd, gemeenschaps en op de toekomst gericht leren’.
Inhoudelijk ligt het zwaartepunt van de opleidingsactiviteiten over urbane ecosystemen, verandering van de samenstelling van de stedelijke bevolking, de verhouding tussen stad en land, duurzaam boeren, autonomie in voedselproductie, gemeenschapsgoederen, locale digitale netwerken, en toekomstgeorienteerde vormen van samenleven.

Prinzessinnegarten in Berlijn
Uitzicht van de open Laube op een deel van het 6.000 m2 grote Prinzessinnengarten.

De hoogste bieder of het beste voor de buurt
De initiatiefnemers realiseren zich dat met de bouw van Die Laube de dreiging van einde van het huurcontract van de locatie, nog niet weg is. Volgend jaar loopt het contract met de stad af. Die is eigenaar van de grond. Begonnen als een mobiele tuin in 2009, bleek haar populariteit zo groot, dat de initiatiefnemers besloten langer te blijven.
Tot in 2012 de stad Berlijn besloot het terrein aan de hoogste bieder te verkopen. De stad zit al jaren opgezadeld met een schuld van ruim €60 miljard en tracht door verkoop van grond en vastgoed de schuld terug te dringen. Veel grond gaat naar de hoogste bieder. Het ‘Liegenschaftfonds’ dat namens de stad de uitverkoop organiseert, is (nog) oppermachtig in de stad. Nu zit Berlijn in de problemen: de stad heeft geen grond of eigen vastgoed meer voor de noodzakelijke publieke voorzieningen zoals kinderdagverblijven en scholen. Maar ook voor sociale woningbouw is weinig meer over. Paniekvoetbal is het gevolg: de stad gaat zelf huizen kopen, tegen marktprijzen, om de speculatie met huurwoningen een halt toe te roepen. Een doodlopende weg.
Een investeerder, ook wel speculant genoemd, biedt ‘hulp’: Berlijn mag de aan haar verkochte grond terugkopen. Tegen de huidige hogere marktwaarde.
De Berlijnse rekenkamer is hard: ‘Berlijn wordt slecht bestuurd.’

Geld tegen gemeenschap
Inmiddels is Berlijn als het gaat om grond en vastgoed een wildwest geworden. De stad probeert met steeds weer nieuwe maatregelen de omhoogschietende huren te remmen. Tot nu met weinig succes. Maar liefst ruim 20 gedwongen huisuitzendingen per dag van mensen die de huur niet meer kunnen opbrengen. Prinzessennengarten probeert het tij op de Moritzplatz in Kreuzberg te keren.
De strijd tussen geld en gemeenschap is echter taai en meestal wint de factor geld. De buurt heeft dan het nakijken. Of dat een model kan zijn om een stad sociaal op de been te houden is zeer de vraag. Berlijn is geen oord dat vrij is van sociale problemen. Met 70.000 in 2015/2016 opgenomen vluchtelingen en immigranten heeft de stad een reusachtige uitdaging om de integratie in goede banen te leiden. Met bijna 1.000.000 inwoners met een migratie-achtergrond, is alle hulp van sociale initiatieven als Prinzessinnengarten welkom. Nagelnieuwe en hagelwitte appartementencomplexen voor de bevoorrechten, zal deze klus niet klaren. Segratie, op economische basis, kan dan alleen maar groter worden.
Het is dan ook te hopen dat de stad haar beleid op een aantal lokaties omdraait en initiatieven als Prinzessinnengarten alle ruimte geeft. De speculanten/investeerders krijgen nog genoeg ruimte in de stad om rendement te maken.

* Het hier beschreven bouwwerk