Londen: startups als aanjagers vastgoed

Verhipping is een proces dat haar veroorzakers uiteindelijk verdringt.

Meeting in het techcentre van Google in Shoreditch.

De Londense wijk Shoreditch is bij menigeen bekend als een succesvol milieu voor startups. De burgemeester van de Engelse hoofdstad Boros Johnson laat geen moment voorbij gaan of hij roemt de wijk als hét voorbeeld van hoe je je eigen Silicon Valley kunt bevorderen. Zoals inmiddels elke zelfbenoemde Europese startupstad doet. Maar wat is die rol van de Londense overheid daarbij geweest? En heeft die wel bijgedragen tot het startup-milieu of heeft gemeentelijk beleid het einde van Shoreditch als startup hotspot in gang gezet?

Startups: vallen en opstaan
Het ontstaan van een startup is voor velen werkzaam in een ‘gewoon’ bedrijf of overheid niet goed te doorgronden. Het enige zichtbare zijn de (vaak jonge) mensen weggedoken achter hun laptop, hun smartphone en een latte onder handbereik. Maar daar houdt de zichtbaarheid op. Het proces is niet waar te nemen. Startups die op enig moment radicaal hun oorspronkelijke plan verlaten en weer met een totaal nieuw idee beginnen, maken de meeste kans op succes. Door gebruikmaking van de ervaring van het falen met het vorige idee. Het lef om tijdig, niet te vroeg maar ook niet te laat, een andere weg in te slaan en te leren van je fouten, is een belangrijke succesfactor om als startup verder te komen. Ook beginnen veel starters door eerst in een bestaande startup te gaan werken, en dan nog een en weer een, om vervolgens een eigen startup op te zetten. Gebruikmakend van de lessen van anderen en onder meeneming van de talentvolle en vertrouwde personen die hij of zij ‘onderweg’ is tegengekomen.

Overheden willen scoren met ‘hun’ startup scene
Welke burgemeester of raadslid wil niet kunnen zeggen een eigen Apple, Google, Microsoft, Soundcloud,Twitter of Facebook te zien groeien in zijn stad? Het is scoren met het uiteindelijke succes, toeschrijvend aan gevoerd beleid van de stad.
Het kwetsbare proces dat vooraf gaat aan die enkele succesvolle startup, wordt over het hoofd gezien of niet begrepen, of beide. Het kost ook te veel tijd. Politiek heeft niet het geduld om te wachten welke vis uit de kweekvijver springt. De politieke horizon duurt meestal maar vier jaar. Dan moet de balans worden opgemaakt. En daarmee blijkt te directe bestuurlijke en politieke belangstelling voor startups eerder schadelijk dan bevorderlijk.
Wat startups nodig hebben is een specifiek milieu dat niet kan worden gemaakt, maar ontstaat. Meestal dragen een paar factoren bij aan een startup-scene. Zo speelt de omvang van de stad een rol. Een samenballing van veel talent en voorzieningen (sociaal, cultureel, horeca), maar ook open onderwijsinstituten en geïnteresseerd bedrijfsleven vergroten de kansen op het ontstaan ervan. Bijzonder belangrijk is de beschikbaarheid van betaalbare woon- en werkruimten.

‘Het moet bruisen in onze stad’
Het is de meest gehoorde opdracht die steden aan zichzelf stellen: onze stad moet bruisen! Daarmee worden dan meestal levendige wijken bedoeld, met leuke horeca, ‘hippe’ types, en creatieve bedrijvigheid. Als die wijken al ontstaan is dat meestal daar waar de huren laag zijn, de bebouwing dicht op elkaar, de stad de planologische teugels om wat voor reden dan ook heeft laten vieren. Of sterker, de wijk is ‘vergeten’. Wijken ver uit het centrum maken minder kans om creatieve bedrijvigheid aan te trekken.
Horeca vormt de sociale smeerolie en broedplaats voor een startup milieu. Nieuwe ideeën en revoluties zijn meestal ontstaan in de kroegen van Europese steden.
Terugkomend op Shoreditch, de echte startups zijn er bijna weg. De vestiging van Google in de wijk was een wapenfeit dat politiek volledig is uitgenut. Speculanten van grond en vastgoed en projectontwikkelaars kregen hierdoor de wijk op de radar. De huren gingen exploderen. De stad geeft in hoog tempo sloopvergunningen af en daarmee de afbraak van die kleinschalige, dichte bebouwing, met die leuke cafeetjes. Luxe appartementen en studentenhuisvesting leveren meer op en de startup-scene valt uit elkaar en verspreid zich over de stad.

Wat moet de overheid met startups?
In veel steden zijn inmiddels concentraties van creatieven. Daarmee zijn het nog geen broedplaatsen, laat staan nieuwe versies van Silicon Valley. Meestal op plekken van leegstand en daarmee goedkope woon- en werkruimte. Als zo’n plek populair wordt bij grotere partijen, is het einde van de startup-scene nabij. Een overheid kan dit proces op de lange termijn niet tegenhouden. Berlijn, als snelgroeiende goedkope startup-stad, laat zien dat de prijsopdrijvende effecten van ‘verhipping’ (gentrification) van een wijk amper zijn tegen te houden. Maar een overheid kan door gericht beleid de snelheid eruit halen en daarmee de incubatietijd van een krachtig startup-scene verlengen. Bestemmingsplannen, verkoop of juist behoud van gemeentelijk vastgoed, regelgeving, vestigingsvoorwaarden, het zijn allemaal instrumenten die de snelheid van prijsopdrijving en verdrijving van startups kunnen versnellen of vertragen. Bij de huidige landelijke gevoerde discussies over ‘ZZP-ers’ wordt licht vergeten, dat vrijwel alle startups ‘ZZP-ers’ zijn.
Er is in deze tijd een overdaad aan leegstaand vastgoed, vaak ook gemeentelijk vastgoed in vrijgevallen kantoren en scholen en niet in de laatste plaats in de winkelstraten in de stedelijke centra. Daar liggen derhalve veel kansen om een succesvol startup-milieu te laten ontstaan door de leeggekomen panden een vrije bestemming te geven. Mogelijk ontstaat hierdoor de bedrijvigheid van de toekomst dat daarnaast een bijdrage zal leveren aan veelzijdige stadscentra en de lokale economie.