Het gaat (niet) goed met Berlijn

Hoe alternatief is Berlijn (nog) is als het gaat om stadsontwikkeling.

De Holzmarkt, een speelse plek aan de Spree.

Het gaat (niet) goed in Berlijn met die alternatieve stadsontwikkeling. Zo heeft de ‘Holzmarkt’ zich definitief gevestigd als alternatieve plek aan de Spree. Haar naastgelegen zusterproject ‘Eckwerk’ ontbeert nog een bouwvergunning. Ook het groene paradijs in Kreuzberg, Prinzessinnengarten, is haar toekomst na 2018 niet meer zeker. In het zuidelijke deel van de wijk Friedrichsstadt daarentegen, gebeuren toch mooie dingen. Een balans.

De Holzmarkt, een geslaagde vorm van alternatieve gebiedsontwikkeling
We schreven al eerder over het aparte project ‘Holzmarkt’. Een project dat haar oorsprong vond in het alternatieve clubleven dat na de val van de Muur op veel plekken langs de oostelijke Spree opdook.
Zo ontstond in 2004 Bar25, een strandbar en technoclub, in de vorm van een houten dorp aan de Spree-oever.
Bar25 droeg bij aan de cultstatus die de Berlijnse club/techno-scene wereldwijd kreeg en miljoenen jongeren over de jaren naar Berlijn deed gaan. In 2010 was het afgelopen, het terrein moest verkocht worden voor ontwikkeling van kantoren.
De initiatiefgroep verhuisde naar de overkant en startte het succesvolle Kater Holzig in een verlaten fabriekscomplex. Inmiddels is men al weer terug op de oude plek, want de grond bleek minder in trek voor ‘ontwikkeling’. Met hulp van een Zwitsers pensoenfonds werd het 18.000 m2 metende grondgebied gekocht waarop zich het huidige Holzmarkt ontwikkelde. Inmiddels is het project een mix geworden van een houten dorp, dat herinneringen oproept aan Bar25 en een in steen herbouwde droom. Ofschoon men streefde naar een geheel houten dorp, verhinderden de brandweervoorschriften dit. Veel van de functies moest dus in (kleurrijk) steen worden uitgevoerd.
Inmiddels is het terrein officieel in april jl. geopend en naar het zich laat aanzien, geniet het nog veel belangstelling. Wellicht is het publiek nu minder alternatief dan bij Bar25, maar de bijzondere sfeer is gebleven.

Een impressie van het toekomstige Eckwerk (fragment uit presentatie-video)

Eckwerk, nieuw denk- en bouwconcept lijkt het niet te halen
Het verbaast niemand die de naastgelegen Holzmarkt kent, dat ook hier sprake is van ‘principeel bouwen’. Een project als een aanklacht tegen de eenzijdige orientatie op winst uit speculatie en prijsopdrijving: ‘We willen gewoon onze droom realiseren.’
En de initiatiefnemers dromen groot. Alternatief denken op grootstedelijk formaat. Zij spreken nadrukkelijk van het ontwerpen van een ‘leef- en werkruimte’, een complex geheel van functies in een bouwwerk. Daarbij deinst men niet terug voor stellige uitgangspunten:

  • het gebouw zal nooit af zijn,
  • de architect zal niet gelukkig worden,
  • we richten ons niet op de algemene smaak,
  • wij creëren geen eigendom,
  • wie niet meehelpt, krijgt geen ruimte,
  • voor wie alleen om geld gaat, is hier aan het foute adres,
  • hier lopen steeds mensen rond die wij nog niet kennen,
  • en ondanks dit alles ‘staan mensen in de rij’ om hier strakst te wonen en werken.

Ondanks het grote geloof in het concept, is de zaak nog niet in kannen en kruiken. Na 4 jaar van ontwerp en maandenlange gesprekken met de stad en het Bezirk (stadsdeel) ‘en vele consessies verder’, komt de bouwvergunning maar niet af. Op 1 oktober loopt de termijn af waarbinnen hij nog kan worden afgegeven. Het is niet ondenkbaar dat de stad (ook) hier gaat voor maximale grondopbrengsten en dit unieke en breed-maatschappelijke project laat lopen.

Ontspannen en leren in het groen en tussen de groenten in Prinzessinnengarten.

Ondanks alle lof, is toekomst Prinzessinnengarten onzeker
Vanaf 2009 bestaat Prinzessinnengarten reeds. Ofschoon er in Berlijn meer door vrijwilligers bijgehouden tuinen bestaan, is Prinzessinnengarten de betekenis van een buurttuin ontstegen. Het is dé ‘buurttuin’ van Berlijn geworden, door talrijke Berlijners en toeristen bezocht als dé alternatieve groene plek in de stad. Inmiddels kan de tuin op vele honderden vrijwilligers rekenen bij het onderhoud van het 6.000 m2 grote tuincomplex.
‘We hebben nergens verstand van’, aldus al te bescheiden gesteld door de initiatiefnemers Robert en Marco. Een andere manier om te zeggen dat de honderden vrijwilligers zelf ervaringen opdoen en hun kennis inbrengen.
De sociale betekenis van de tuin is groot. De relatief arme bevolking uit de buurt, vaak allochtoon, vooral van Turkse komaf, kunnen hier even vluchten uit hun dagelijkse, vaak problematische, sleur. Daarnaast worden er veel cursussen gegeven gericht op urban farming, maar ook sociaal-maatschappelijke onderwerpen.
Inmiddels is vanuit de opgedane kennis in Prinzessinnengarten ondersteuning verleend bij de aanleg van 40 andere buurttuinen door heel Berlijn. Inkomsten komen onder andere uit de horeca, met gerechten uit eigen tuin of elders in Berlijn, de verkoop van groente en het verzorgen van rondleidingen. Dat is natuurlijk geen goudmijn, omdat hier ook de huur van de grond moet worden betaald aan de eigenaar: het grond- en vastgoedbedrijf van de stad.
In 2013 zou de grond aan de hoogstbiedende worden verkocht. Maar een actie van 30.000 supporters leverde een verlenging op met 5 jaar. Dat betekent dat het contract in de loop van 2018 afloopt. Er is vooralsnog geen zicht op verlenging of enige kans op inpassing in mogelijke toekomstige plannen. De enige hoop is dat inmiddels de Berlijnse senaat van kleur is verschoten is en steeds meer inzet op het behouden van de eigen gronden en het in erfpacht uitgeven. Het jaar 2018 wordt dus spannend voor Prinzessinnengarten.

Het naastgelegen project ‘Metropolenhaus’ een ‘intercultureel project dat samenkomst tussen mensen bevordert’.

In de stedelijk rommelzone van Friedrichstadt komen mooie projecten tot stand
Het zuid-westelijke deel van Kreuzberg genaamd Friedrichstadt is lang een rommelig stuk van de stad geweest. Het deel is bekend vanwege het Joods Historische Museum en de Berlinische Galerie.
Op de voormalige bloemenveilingplaats aan de Lindenstraße heeft de stad ‘conceptgebonden grondverkoop’ toegepast. Niet de hoogste bieder, maar het beste plan zou winnen. Het werd een Baugemeinschaft, een groep van zo’n 90 toekomstig eigenaren/gebruikers, dat wil bouwen zonder winstoogmerk, maar op basis van de wensen/eisen van de toekomstige gebruikers. De meeste deelnemers aan het project zijn werkzaam in beeldende en kunstzinnige beroepen. Ook een sociale instelling voor zelfstandig begeleid wonen, is een van de participanten.
In de zakelijke ruimten op de begane grond wil men exploitanten van een tentoonstellingsruimte, een galerie, een organisatie in de muziek en film. Ook een uitbater van een gastronomie wordt gezocht.
Het ‘Blumengroßmarkt-projekt’ is niet de enige ontwikkeling in dit deel van Kreuzberg. Ook het reeds gereedzijnde ‘Metropolenhaus’ (foto boven) heeft sociaal-culturele ambities dat ‘samenkomst tussen mensen bevordert’. Daarmee krijgt het Joods Historisch Museum weer een urbane context, anders dan een veilinggebouw.
Ofschoon hier geen ‘hippe plek’ wordt gecreëerd kun je zeker spreken van een alternatieve vorm van ontwikkeling. De grond ging niet naar de hoogste bieder en de toekomstig bewoners programmeren een deel van de activiteiten op straatniveau. Ofschoon CPO-projecten ook in Nederland gebruikelijk zijn, is deze vorm van ‘principieel bouwen’ vooralsnog een Berlijns verschijnsel, niet alleen in dit deel van de stad, maar ook elders.

Wilt u meer weten over alternatieve stedelijke ontwikkelingen en uitgebreidere artikelen hierover lezen, koop dan de enige Nederlandstalige periodiek: STADSBERICHT BERLIJN.

Drie maal per jaar uitvoerige informatie, voorzien van fraai beeldmateriaal en verwijzingen naar uitgebreidere bronnen.
De edities zijn hier los verkrijgbaar.